Net zoals (wij) vrouwen graag willen dat er soms rekening gehouden wordt met onze hormonen :), is het voor jongens ook fijn als we rekening houden met hun hormonen.

En dat begint met snappen wat testosteron doet in een jongenslichaam.
Testosteron is een belangrijke motor achter veel ‘typisch’ jongensgedrag.

5 dingen die je moet weten over testosteron om een jongen beter te begrijpen

#1
Testosteron is het mannelijk geslachtshormoon. Jongens en mannen bezitten het ruimschoots, maar ook meisjes en vrouwen hebben testosteron.
Het heeft op veel gebieden een grote invloed op jongens.
Testosteron zorgt groei, energie, spierkracht, bewegingsdrang, competitiedrift, agressie/assertiviteit, dadendrang, seksuele kenmerken en gevoelens.

#2
Rond de achtste week wordt het Y-chromosoom actief en wordt er in de foetus testosteron aangemaakt. Dit zorgt ervoor dat de baby een jongen wordt.
Na de geboorte heeft een jongen net zoveel testosteron in zijn bloed als een puber. Onder andere hierdoor kunnen jongensbaby’s wat onrustiger zijn. Ze hebben daarom soms juist extra liefde en aandacht nodig.

#3
Rond het vierde jaar verdubbelt het niveau aan testosteron zich: de testosteronpiek.
Hierdoor zie je dat jongens ineens veel meer energie krijgen, willen beweging, luid zijn en dingen willen ondernemen. Ook verandert hun lijf.
We zeggen wel eens: ‘Hij is echt toe aan school.’
Het is dus eigenlijk jammer dat hij op dit punt in zijn leven, juist voor het eerst veel meer stil moet zitten.
Rond het vijfde jaar neemt het niveau weer af.

#4
Tussen de elf en de dertien wordt het testosteronniveau 800 keer zo hoog als in de peutertijd.
Hierdoor groeit een jongen erg snel en moet zijn hele zenuwstelsel gereorganiseerd worden. Dat kan hem wat afwezig en verstrooid maken. Help hem bij het organiseren van zijn taken.

Met veertien jaar is het testosteronniveau op z’n hoogtepunt.

#5
Onder invloed van testosteron worden er minder makkelijk verbindingen gemaakt tussen de linker- en rechterhersenhelft. Ook blijft de linkerhersenhelft wat kleiner en minder ontwikkeld, dan de rechter. Daardoor zie je bij jongens vaker moeilijkheden in taken uit de linkerhersenhelft (o.a. taal) of taken waarbij beide hersenhelften nodig zijn (o.a. lezen,  praten over gevoelens).*

Eén van de dingen om een jongen beter te begrijpen, is snappen hoe zijn bouwpakket is elkaar zit.
Het heeft mij in ieder geval erg geholpen in het omgaan met mijn zoons en in het werken met jongens.

Daarom geef ik zo graag de workshop ‘Hoera, een jongen!?’.

“Ik vond het verhaal over wat testosteron doet met hersens waardevol. Daardoor begrijp ik de jongens beter.”
“Erg leuke workshop. Leerzaam en nuttig.”

Er is ruimte om te mopperen, te leren, vragen te stellen en je zoon te vieren! Iets voor jou?

Je bent van harte welkom bij één van de volgende workshops.

Voor deze tekst heb ik veel gebruikt gemaakt van Steve Biddulph’s boek ‘Jongens hoe voed je ze op’